Betreft: Gevraagd advies inzake concept Monitor Sociaal Domein Leiden 2025, versie d.d. 15/8/2025
Uitgebracht door de Adviesraad Sociaal Domein Leiden op 4 september 2025
Op 15 augustus jl. ontving de Adviesraad de conceptversie van de Monitor Sociaal Domein Leiden 2025, met de adviestermijn van 4 september. Hieronder vindt u onze reactie en adviezen.
Algemeen
Op 20 september 2022 brachten wij ons laatste advies uit over de concept Monitor Sociaal Domein Leiden 2022, hierna genoemd ‘monitor’. Om de gebruikswaarde van de monitor te vergroten, adviseerden we destijds het volgende:
- Maak voor de lezer meteen aan het begin van het document duidelijk wat de functie is van de monitor en ook wat het dus niet is.
- Beperk de hoeveelheid cijfers en tabellen in het document. Het document zou zich moeten beperken tot kerncijfers om de gemeenteraad in staat te stellen de ontwikkelingen in het sociaal domein te volgen en de effecten van de uitvoering van het gemeentelijke beleid daarop.
- Neem bij ieder beschrijvend hoofdstuk een korte conclusie/beschouwing op.
- Geef duiding aan ontwikkelingen in cijfers over de tijd of eventuele geconstateerde verschillen tussen Leiden en andere gemeenten. Wat zeggen deze ontwikkelingen of verschillen, en zijn ze wel of niet een gevolg van ingezet Leids beleid?
- Voeg tot slot ook informatie toe over de verhouding tussen de ontwikkeling en de door het college beoogde doelen/effecten van het sociaal domein. Dit maakt de monitor volledig en zelfstandig leesbaar. We realiseren ons dat er dan op dit punt een overlap is met de programma-jaarrekening uit de budgetcyclus. Het is echter voor de lezer van de monitor behulpzaam alles in één document te kunnen vinden.
- Tot slot ziet de Adviesraad het uitbrengen van de monitor als een kans om de nieuwe gemeenteraad verder in te werken in de beleids- en budgetcyclus. Het zal hierbij voor de nieuwe raadsleden behulpzaam zijn als in een aparte A4 (oplegger) wordt uiteengezet wat de relatie is van alle onderdelen van deze cycli en wat de functie van de monitor daarin is. Dat biedt de Raadsleden een context om de monitor te plaatsen. De oplegger zou wat ons betreft dan verrijkt moeten worden met wat het college zelf als ‘verwonder- of aandachtpunten’ uit de monitor heeft gehaald en of dit haar tot aanvullende acties aanzet.
Kijken we naar de door ons ontvangen conceptversie, dan stellen we vast dat onze adviezen 1, 2 en 4 van destijds zijn meegenomen bij het ontwikkelen van de nieuwe monitorrapportage. Wij vinden overall dan ook dat de nieuwe monitorrapportage hierdoor een stuk leesbaarder is. Voor ons, maar zeker ook voor de raadsleden.
In de rapportage kan op meer onderdelen een duiding (u noemt dat toelichting) toegevoegd worden. Het is onze verwachting dat zonder een toelichting op die plaatsen, de kans dat daarop raadsvragen worden gesteld groot is en er dus dan toch ambtelijke inzet op gepleegd moet worden. Wij zijn zo vrij geweest om in bijgevoegde versie van uw rapportage de passages waarop ook toelichting nodig is, te markeren.
Onze adviezen 3, 5 en 6 van destijds zien we niet terug in de concept monitor 2025. Wij denken nog steeds dat opvolging van deze adviezen de monitorrapportage sterker gaat maken, dus van meer meerwaarde voor de gemeenteraadsleden.
Overige opmerkingen:
- Soms te technisch. Op onderdelen vinden we de rapportage heel onderzoeks- of beleidstechnisch. Wij zijn bang dat een gemiddeld raadslid deze onderdelen moeilijk kan doorgronden. Dit valt op te lossen door zaken anders (vooral meer in lekentaal) op te schrijven. Het geldt in sterke mate voor de informatie in de paragrafen 2.9 en 2.10 over SES-WOA scores. Echter, ook op andere onderdelen zijn sommige teksten heel technisch. In bijgevoegde versie van de monitorrapportage hebben we met opmerkingen aangegeven waar dit volgens ons speelt.
- Vergelijkingsgemeenten noemen. In de rapportage wordt heel vaak vergeleken met een groep middelgrote gemeente. Het zou goed zijn om in de bijlage een overzicht op te nemen om welke gemeente het hier precies gaat.’
- Is conclusie op pagina 30 juist? Op pagina 30 staat ‘In de periode 2020-2024 is het aandeel inwoners van 70 jaar of ouder dat in een instelling woont min of meer gelijk gebleven (zie Figuur 31). Dat heeft onder andere te maken met de bevriezing van het aantal verpleegplekken, waardoor dit aantal niet kan toenemen’.
Eerder in de rapportage lezen we echter dat deze leeftijdsgroep in Leiden in absolute zin toeneemt. Bij een aantal verpleegplekken dat niet kan toenemen, zou je dan toch een steeds lager aandeel verwachten van deze doelgroep die in een instelling woont.
- Positieve verschil in kosten jeugdzorg. Opmerking over gunstig effect voor gemeentefinanciën toevoegen. Op pagina 31 staat de volgende passage: Tussen 2022 en 2024 is het totaal aantal jeugdzorgtrajecten licht gestegen (zie Tabel 7). Het merendeel van de jeugdzorgtrajecten zijn ‘Jeugdzorgtrajecten zonder verblijf’ (zie Figuur 32). In vergelijking met middelgrote steden en Nederland is dit aandeel wat groter in Leiden. Het aandeel ‘Jeugdzorgtrajecten met verblijf’ is wat kleiner in Leiden vergeleken met middelgrote steden en Nederland.
Belangrijk is dat ‘Jeugdtrajecten met verblijf’ in de regel voor de gemeente duurder zijn dan andere trajecten. Voor de gemeentefinanciën van Leiden is deze afwijking dus gunstig. Zou het niet goed zijn als raadsleden dat wordt meegegeven als constatering?
- Forse stijging kosten jeugdzorg noemen. In paragraaf 4.2 past volgens ons juist de constatering dat de uitgaven van gemeente Leiden aan Jeugdzorg fors zijn toegenomen over 2019-2023, maar dat je dit ook in andere gemeente ziet.
- Re-integratievoorzieningen als percentage van omvang gebruikersgroep P-wet. In paragraaf 5.1 wordt de inzet van re-integratievoorzieningen gepresenteerd per 1000 inwoners. De adviesraad denkt dat het veel informatiever is om deze inzet als percentage te presenteren van de absolute omvang van de totale groep bijstandsgerechtigden onder 65 jaar. Dat is namelijk de groep waarvoor deze voorzieningen bedoeld zijn en beleidskeuzes van gemeente bepalen of dit percentage hoog of laag is. Verder verschilt de relatieve omvang van deze groep per gemeente (bijstandsdichtheid) en dat effect neem je niet mee als de inzet van re-integratievoorzieningen als percentage van het aantal inwoners (met of zonder bijstand) wordt genomen.
- Bullets niet uitgewerkt. Bovenaan pagina 36 staan in de toelichting twee bullets die volgens ons nog niet goed zijn uitgewerkt (vergeten). Ze komen nu in de tekst uit de lucht vallen.
- Meer verklaringen voor een werkloosheidspercentage. Paragraaf 5.5 op pagina 39 begint met Het werkloosheidspercentage is een indicator voor de mate waarin de werkgelegenheid wordt bevorderd en werkzoekenden worden ondersteund. In de werkelijkheid wordt dit percentage ook beïnvloedt door andere zaken, bijvoorbeeld de beschikbaarheid van werk. De situatie is Noordoost Groningen is op dit punt bijvoorbeeld heel anders dan in de Randstad.
- Apart hoofdstuk over problematische schulden. Hoofdstuk 5 over de Participatiewet bevat ook een paragraaf over 5.6 over problematische schulden. Dit vinden we een rare plaats. Ook inwoners die geen gebruik maken van de Participatiewet kunnen problematische schulden hebben. Het zou een logische keuze zijn om van deze paragraaf een apart hoofdstuk te maken en dit hoofdstuk te verrijken met informatie over het gebruik van voorzieningen op basis van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening.
Het zou daarbij interessant zijn om het aantal unieke gebruikers van deze schuldhulpverlening dan ook af te zetten als percentage van de groep Leidenaren met door CBS vastgestelde problematische schulden. Dit geeft de raadsleden inzicht in het bereik van de door de gemeente gefinancierde schuldhulp. Overwogen zou nog kunnen worden om ook informatie toe te voegen over het aantal inwoners in de wettelijke schuldsanering (Wsnp). Deze schuldhulp wordt natuurlijk niet door de gemeente georganiseerd, maar er zijn Leidenaren met problematische schulden die er gebruik van maken. Het CBS publiceert op gemeenteniveau het gebruik van de Wsnp, dus die cijfers zijn beschikbaar.
- Onderzoekagenda. In de collegebrief van 6 december 2022 (monitor sociaal domein 2022) wordt een update gegeven over de thema’s die op de onderzoeksagenda staan. In de voorliggende monitor wordt hier geen melding meer van gemaakt. We vragen ons af wat de status van deze agenda is.
Ter overweging, wellicht voor onderzoeksagenda:
- Factor studenten en beleidsontwikkeling: in de monitor wordt benoemd dat de cijfers beïnvloed worden door de aanwezigheid van veel studenten. Goed dat dit benoemd wordt. Dit maakt sommige cijfers echter minder bruikbaar voor beleid. Het CBS kan op landelijk niveau cijfers leveren die personen die voltijd onderwijs volgen uitsluit. Wellicht is dit ook voor gemeentelijk niveau te realiseren. Dan kunnen deze toegevoegd worden aan de SES-WOA score per wijk.
- Inzicht in samenstelling doelgroepen: Bevorderen kansengelijkheid en stimuleren inclusief beleid. Bijna nergens worden cijfers uitgesplitst om zicht op de doelgroep te krijgen. Dat kan echter wel nuttig zijn als je alle Leidenaren even goed wil bereiken met je beleid.
Veel van deze cijfers zijn landelijk bekend en laten interessante verschillen zien. Sommige zullen misschien niet door het CBS geleverd kunnen worden per gemeente i.v.m. te kleine aantallen, maar de meeste wel.
Ter illustratie enkele voorbeelden:
- Samenstelling van de groep voortijdig schoolverlaters. Landelijk is bekend dat dit vaker jongens zijn dan meisjes, en dat ook migratieachtergrond invloed heeft. Hoe ligt dit in Leiden, en kan deze informatie helpen om gerichter beleid te voeren?
- Bij financiële welvaart: dit wordt vooral op huishoudniveau gepresenteerd, wat uiteraard van groot belang is. Maar ook economische zelfstandigheid per volwassene is relevant, en een aangrijpingspunt voor beleid (bijv. vanuit emancipatie en om werkende armen te voorkomen).
- Samenstelling doelgroep verstrekte re-integratievoorziening? Hier is uiteraard van belang met/zonder arbeidsbeperking, maar ook man/vrouw, leeftijd, migratieachtergrond, opleidingsniveau.
- Bij werkloosheid en bij bijstandsontvangers kan het helpen om te kijken naar uitsplitsingen naar gender, leeftijd, SES-WOA migratieachtergrond en huishoudvorm
Tot slot
Wij danken het college en de betrokken ambtenaren voor de vroegtijdige betrokkenheid bij de monitor en waarderen het vele werk dat bij het opstellen van een dergelijk document gemoeid is. Uiteraard denken we graag mee om de monitor verder te optimaliseren!
Adviesraad Sociaal Domein Leiden
4 september 2025
Advies Monitor Sociaal Domein 2025
Ontvangen op 30 september 2025:
